Blogs 2016 - Kerkuil

Klik hier om terug te gaan naar de live-beelden. 

 

Gevlogen vogels

15 augustus 2016

De webcams gaan op zwart. Vanaf 1 maart hebben we u, hooggeëerd publiek, het wel en wee laten volgen van de families van torenvalk in de watertoren bij Scheveningen en van de kerkuilen in het hart van Meijendel. Beide ouders brachten uiteindelijk 2 en 6 jongen groot, die zijn uitgevlogen en beide nestkasten zijn nu dan ook bijna leeg. Misschien dat nog een enkele keer een dier een nachtje of dagje komt slapen, maar de grootste belevenissen van voor de camera zijn voorbij.

En hoe dan verder? De jonge kerkuilen zijn in het hele jachtterritorium van de ouders te vinden. Die zorgen nog steeds voor voedsel, maar doen dat buiten het oog van de camera. De jongen zullen leren om zelf te jagen, behendig te worden in lucht en vlucht om uiteindelijk op zichzelf te gaan wonen. Dat is broodnodig, want buiten loert ook voor deze jonge rovers gevaar. In de directe omgeving van de nestkast vond een vrijwilliger onlangs de resten van een kerkuil, waarschijnlijk gegrepen door een andere jagende roofvogel. Zonder ring; dus zekerheid over of het ‘ons’ kuiken was, is er niet, maar ook dit hoort bij het leven. Na hun eerste levensjaar kunnen de jonge kerkuilen, als ze uit de handen van rovers en vooral uit de buurt van auto’s weten te blijven, zelf hun jongen al grootbrengen. De mannetjes uit ons gezinnetje zullen dus in het voorjaar van 2018 al vroeg beginnen met het verleiden van de vrouwtjes. Waar ze dat doen is dan natuurlijk de vraag. Ca. 70% van jonge geringe kerkuilen wordt binnen een straal van 50 km terug gemeld, maar exemplaren zijn zelfs gemeld vanuit Oekraïne en Spanje. Die hadden beiden zo’n 1.500 km afgelegd.

Uit reacties weten we in de afgelopen maanden veel mensen de belevenissen van het leven in beide nestkasten volgden. Soms vanachter een pc of laptop, soms zelfs door live een kijkje te nemen. Ook ikzelf heb geprobeerd een glimp op te vangen van de kerkuilen en torenvalken. Een glimp, want veel meer was het vaak niet. De torenvalken zaten hoog in de watertoren en ver weg, buitelend in de wind rond de toren, schril roepend naar elkaar. De kerkuilen zag ik alleen in de late avond als de duisternis nog vroeg was. Ze kwamen en gingen zó snel en geluidloos, dat ik alleen hun schimmen zag. Daarom ook de webcams, omdat Dunea het belangrijk vindt om dit stukje natuur zichtbaar dichterbij te brengen. Vanuit je luie stoel kun je kijken naar beelden, meelezen en -leven met de commentaren onder de beelden.

Volgend seizoen komen we vast terug met een nieuwe serie over leven en laten leven in de duinen van Meijendel. Dank aan collega’s en vrijwilligers die dit allemaal mogelijk maakten. Voor nu is het mooi geweest, de beelden gaan op zwart, de vogels zijn gevlogen. 

 

Arjen Siebel

Afdelingsmanager Natuur Dunea

&

Cornelis Fokker
Vogelringstation Meijendel

 

-------------------------------------------------------------------------------------

Slapeloze dagen

17 juni 2016

Gisterochtend stond om kwart voor 6 Tijl aan ons bed. Tijl is 5 jaar, donkerblond, blauwe ogen, type ‘spring-in-het-veld’. Al weken volgen we samen via de webcam van Dunea nauwgezet de avonturen van de kerkuilen. In de avonden is het doorgaans te laat om veel leven te zien, maar in de ochtend wil dat nog wel eens lukken. En hij weet: hoe eerder hij op staat, hoe groter de kans dat ie wat ziet. Kwart voor 6 dus. Hij zet de pc aan; ik de koffie.

Inmiddels zijn de kuikens kerkuilen van formaat geworden. Fascinerend om te zien hoe snel ze zijn gegroeid; het is dringen in de uilenkast geworden. Onwaarschijnlijk om nog voor te stellen dat dit eind april nog in eieren zat. De pogingen van duinwachters om de uilen voorsprong te geven op opdringerige kauwen is geslaagd en het is nog een kwestie van weken voor de jongen vliegles krijgen.

Deze morgen heeft Tijl het rap in de gaten: “Papa, er zitten ringen om de poten.” Of ik dat gedaan heb. Bijna goed; twee bevlogen collega’s hebben die klus geklaard; alle kuikens én het vrouwtje. Jongens en meisjes, hoewel we niet weten hoeveel van elk, omdat we dat op deze leeftijd nog niet kunnen zien. Doordat we de uilen ringen, leggen we vast wie ze zijn, waar ze zijn geboren en hoe groot ze waren op de leeftijd van 3-4 weken. Elke vogel heeft een ring met een uniek nummer en wanneer de uilen opnieuw worden gezien of gevonden, hebben we dus informatie over leeftijd en verspreidingsgebied. Sommige uilen kunnen op deze manier jarenlang worden gevolgd.

De meting van woensdag laat ook zien dat de jongen het hartstikke goed doen. Zes uit zes; dat is echt heel mooi. Het betekent dat de ouders genoeg muizen vinden om de kleintjes te voeden. Eentje blijft nog wat achter in gewicht, zo’n 210 gram tegenover 370 van de grootste, maar dat is niet erg. Uit de monitoring weten we dat de moederuil het jongste jong extra aandacht geeft én inmiddels ook zelfstandig kan eten. De verwachtingen? Dat komt vast goed.

Dit moment grijpen we ook aan een belangrijke keuze te maken: vanaf nu blijft de uilenkast open. Sinds het eerste ei was gelegd, ergens halverwege april, hebben duinwachters stelselmatig de provisorische anti-kauwenklep open en dichtgedaan. Overdag sloten ze de uilenkast af; in de schemering werd die weer geopend. Hiermee lukte het om opdringerige kauwen buiten de kast te houden; gebruikmakend van de verschillende ritmes van beide vogelsoorten. Kerkuilen slapen immers overdag en kauwen doen dat ’s nachts.

Met dat open en weer dicht doen, zijn we per gisteren gestopt. De verwachting is dat de kauwen lang niet meer zo opdringerig zijn en dat de uilskuikens met z’n zessen hun mannetje en vrouwtje wel kunnen staan. Bovendien zijn er zoveel hongerige snavels dat de jacht op muizen eerder in de avond begint en tot later in de ochtend doorgaat. Het betekent hard werken; nu nog met het aanvoeren van eten; binnenkort met de eerste vliegles. Kortom, slapeloze dagen voor pa en ma uil. Ik kijk daar ook naar uit; wie weet dat mijn kleine kerel morgen pas om half 7 aan m’n bed staat…


Arjen Siebel
Afdelingsmanager Natuur Dunea

 

------------------------------------------------------------------------------------

Ringen

14 juni 2016

Op woensdag 15 juni worden de kerkuilen in Meijendel geringd. Dit ringen wordt gedaan door Arend de Looff van Dunea. Hij is als ringer verbonden aan het NIOO Vogeltrekstation. De gegevens van de kerkuilen worden door hem geregistreerd en ingevoerd in het systeem van het Vogeltrekstation. Met deze data wordt kennis vergaard over o.a. trek, aantallen, overleving en reproductie van de verschillende vogelsoorten.

Als natuurbeheerder vinden wij het belangrijk om een bijdrage aan deze monitoring te kunnen leveren.

Uitvliegen
Als de kerkuilen zijn geringd, blijven ze vermoedelijk nog twee à drie weken op het nest. Zeker de grootste zal tegen die tijd zijn vleugels gaan uitslaan. Alhoewel de kuikens er nu goed uitzien, is dat nog geen garantie dat ze het eerste jaar goed doorkomen. Kunnen ze goed jagen? Zijn er voldoende prooien of zijn er te veel vijanden? Wat doet het weer? Allemaal factoren die van invloed zijn op de overleving van deze kerkuilen. Maar vooralsnog gaat het heel goed met ze.

Zodra alle gegevens zijn verwerkt, delen wij ze met jullie. Net als de foto's en mogelijk het filmpje dat zal worden gemaakt tijdens het ringen. Want tijdens het ringen zelf, gaat de webcam even op zwart.

Sandra
Commmunicatieadviseur Dunea

-------------------------------------------------------------------------------------

Ze groeien als kool

8 juni 2016

De zes jonge kerkuiltjes groeien als kool en ma kerkuil kan ze nauwelijks nog onder zich gehouden overdag. De oudste is op moment van schrijven ook alweer ruim 2,5 week, dus het begint zo langzamerhand gewoon op te schieten.

De oudsten van het stel kunnen ondertussen al hele muizen en andere prooidieren naar binnen werken, zodat ze flink door kunnen groeien. Daarnaast is nu ook het tweede donskleed volledig ontwikkelt, waarbij alleen de buik nog kaal blijft. De ogen gaan zijn zo rond de 20ste dag volledig geopend en aan de voorzijde van de kop verschijnt het hartvormig figuur, die ook wel de ‘sluier’ wordt genoemd. Ze gaan ook steeds beter lopen en hoeven dat niet meer te doen op hun loopbeen. De vleugels ontwikkelen uiteraard door en rond de 3de week eindige de slagpennen in kwastjes van dons.

De komende week zullen de slagpennen snel verder ontwikkelen en uiteindelijk worden de topjes zichtbaar als kleine pluimpjes (penseeltjes). Ook de klauwen en nagels gaan vanaf nu ontwikkelen, net zoals de staartveren. Daarnaast zal de kop nog weer verder gaan groeien en wordt het steeds meer een waardig kerkuilenkopje, die nu door bruine veertjes wordt begrensd in plaats van door dons. Kortom, de zes jonkies zullen nog flink wat kuikens voor de kiezen moeten krijgen om als compleet uitgedoste kerkuil de kast te kunnen verlaten. Maar ze groeien hard en voor je ’t weet is de kast weer leeg. Geniet er nog maar van!
 


Cornelis Fokker
Vogelringstation Meijendel

 

--------------------------------------------------------------------

Uilskuiken; scheldwoord of compliment?

25 mei 2015

Uilskuiken! Als iemand dat je naar je roept, weet je dat je iets stoms hebt gedaan. Maar waarom worden er uilskuikens bijgehaald? En geen kanariekuikens, of papegaaienkuikens?
Laatst kwam dit artikel uit het NRC mij onder ogen. Ik vond het zo treffend voor onze kerkuilen dat ik het graag met jullie wil delen.

Uilskuiken! Scheldwoord of compliment?

Uilskuiken! Als iemand dat je naar je roept, weet je dat je iets stoms hebt gedaan. Maar waarom worden er uilskuikens bijgehaald? En geen kanariekuikens, of papegaaienkuikens?

Al sinds de Middeleeuwen wordt er met uilen gescholden. De Middeleeuwers vonden uilen maar lelijk en griezelig, met hun grote ogen en nachtelijk gekrijs. De enige vogel die nóg stommer was dan een uil, was het uilskuiken.
Onzin natuurlijk. Zwitserse biologen hebben ontdekt dat uilskuikens rekening houden met hun broertjes en zusjes. De biologen onderzochten de kuikens van de kerkuil. De kerkuil is een mooi uiltje met hartvormig gezicht en een goudbruin spikkelkleed. Kerkuilen broeden het liefst in schuren en kerken, maar omdat er steeds minder kerken en schuren zijn, hangen uilenfans tegenwoordig nestkasten op. Broedende kerkuilen brengen wel zes tot tien kuikens groot.
Het jonge uilenleven draait om muizen. De hele nacht brengen vader en moeder uil muizen naar het uilennest. Maar hoe bepalen de uilskuikens wie het volgende muisje mag?
Om dat uit te zoeken, haalden de biologen kerkuiltjes van hun nest. Die mocht dat paar nachtjes logeren in het lab van de biologen, voordat ze weer werden teruggezet.
In het lab speelden de biologen uilengeluiden af. Soms waren dat geluiden van krijsende uiltjes met honger. Soms waren het geluiden van tevreden uiltjes die net gegeten hebben.
Als het logeeruiltje hongerige kuikens hoorde, wachtte hij even met eten. Pas als het stil werd begon het uiltje zelf te krijsen om een muis op te eisen. Maar bij het geluid van tevreden uilen begon het kuiken eerder zelf te roepen.
Ontzettend handig, vinden de biologen. Zo krijgt iedereen genoeg te eten. Kuikens met honger laten met gekrijs aan broertjes en zusjes weten dat ze flink zullen strijden om de muis. Uiltjes met minder honger kunnen dan even afwachten. Zo bespaart iedereen energie en raakt niemand gewond.

Uilskuikens zijn dus niet dom, maar slimme onderhandelaars. Misschien moet voortaan uilskuiken geen scheldwoord zijn, maar een compliment. Heb je de laatste frietjes voor je kleine zusje overgelaten? Uilskuiken!
________________________________________
Dit artikel is verschenen in het NRC Handelsblad van zaterdag 21 mei op pagina 1, van Lucas Brouwers
 
Sandra
Commmunicatieadviseur Dunea

-------------------------------------------------------------------------------------

Uilskuikens!

19 mei 2016

Op 12 mei zag het eerste Dunea-kerkuiltje het levenslicht. Drie dagen later dan mijn voorspelling, maar het was in de buurt... Tot moment van schrijven zijn nog twee andere eieren uitgekomen, dus het is wachten op de laatste drie.

Zoals de trouwe kijkers ongetwijfeld gezien hebben, worden de uilskuikens volledig kaal geboren. Ze hebben dan ook niks om zich warm te houden, zodat ze gewoon tussen de eieren gaan liggen en zo warm gehouden worden door hun moeder. Met name na de 3e dag begint het dons te groeien, vooral op de kop en op de rug. Ze zijn dan de hele eerste week nog steeds blind en ook de buik is bijvoorbeeld nog helemaal kaal.

Vanaf de tweede week gaan ze ook hun eerste braakballetjes produceren. Die wegen meestal slechts een gram en veel meer dan haartjes en een enkel botje is het nog niet. Ook voor de rest zullen de kuikens dan snel door ontwikkelen. Een tweede, meer gelige donslaag zal ze bedekken en de schachten rond de kop ontwikkelen zich. Ook kunnen ze na een tijdje hun oogjes openkrijgen en zullen ze al steunend op hun vleugels zich gaan verplaatsen door de kast. Daarnaast zullen ze steeds meer praatjes gaan krijgen, want de maag die gevuld moet worden, wordt ook steeds groter.

De ontwikkelingen zullen de komende week dan ook snel gaan. Aangezien het uitkomen van de eieren ongeveer met dezelfde tussenpozen gaat als waarin de eieren zijn gelegd, zullen de verschillen tussen het oudste en het jongste jong aanzienlijk worden. Het is dan altijd afwachten of de jongste kuikens het gaan redden en de ouderen niet al het voer opeisen. Voorlopig moeten de laatste eieren nog uitkomen en het is nog maar even afwachten hoe het zich de komende week gaat ontwikkelen.

Cornelis Fokker
Vogelringstation Meijendel

 

--------------------------------------------------------------------

Dwergeitje

3 mei 2016

Het is jullie vast ook  opgevallen, maar naast de zes grote eieren ligt er ook een klein eitje. Zo’n eitje wordt heel treffend een dwergeitje genoemd. Dit fenomeen komt bij veel vogelsoorten voor.

Vooral bij kippen zie je dit regelmatig. Het ei zal hoogstwaarschijnlijk niet uitkomen of in ieder geval geen levensvatbaar kuiken bevatten. We gaan er vanuit dat de andere zes wel uitkomen. En hopelijk halen ze ook allen de eindstreep.

Aanvulling op de blog van Cornelis

Ik heb contact gehad met de kerkuilenwerkgroep Zuid-Holland. Zij zijn verheugd met ons nest. De coördinator bevestigde het verhaal van Cornelis. Man en vrouw slapen bij de uilen meestal apart.
Bij de steenuiltjes is dit net zo. Hij kent maar enkele gevallen van paartjes – grappig genoeg altijd dezelfde paren – die bij elkaar in de kast blijven.

Nu ligt het vrouwtje nog op de eieren, maar je zult zien dat als de kuikens groter worden, bij de kerkuil meestal vanaf een week of 5-6, het vrouwtje ook een andere plek zoekt om te slapen.
Kennelijk wordt het haar dan ‘te vol’ in de kast en ook hebben de jongen haar minder hard nodig. Ze hoeft de jongen niet meer warm te houden en ze kunnen zelf hele muizen naar binnen werken.

Maar de eerste tijd blijft ze lekker bij haar kroost en worden de muizen nog door haar ‘klein gemaakt’ hoor.


Sandra
Commmunicatieadviseur Dunea

 

-----------------------------------------------------------------------------------------------

Dag- en nachtleven van pa kerkuil!

28 april 2016

Dankzij de anti-kauwenklep die overdag de vliegopening van de kast sluit, lijkt het probleem met de kauwen opgelost te zijn. Het gevolg is echter wel dat het mannetje overdag z’n vrouwtje in de steek laat, dat wel ongestoord door gaat met broeden.

Het mannetje is alleen ’s nachts dus nog maar present in de kast, maar zorgt daarbij wel voor voldoende gevangen muizen. Daarnaast weet hij elke nacht een paar keer met het vrouwtje te paren, dus hij redt zich ’s nachts wel. Maar wat doet deze man overdag eigenlijk? Vermoedelijk zit die dan ergens te slapen, hetzij in een holle boom of in een beschut schuurtje of iets van die aard. Midden in het broedseizoen, wanneer de jongen om voedsel verlegen zitten, worden kerkuilen weleens overdag jagend gezien, maar dat is uitzonderlijk.

Kerkuilen zijn namelijk volledig uitgerust om ’s nachts te jagen, liefst in het pikkedonker. Dankzij hun platte gezicht kunnen ze, omdat het gezichtsveld van hun ogen overlapt, diepte zien. De afstand tot een prooi kunnen ze zo veel beter inschatten. Daarnaast hebben ze ook grote ooropeningen die ze als richtmicrofoons alle kanten op kunnen draaien. Ook de positie van de oren verschilt: het linkeroor zit iets hoger dan het rechteroor. Hierdoor kunnen ze de locatie van hun prooi beter vaststellen. Verder hoor je kerkuilen helemaal niet vliegen. Hun veren zijn namelijk gebogen en uitgerust met dons, waardoor ze zich geruisloos kunnen voortbewegen.

Kortom, het mannetje zet gewoon ’s nachts z’n jachtkwaliteiten in en overdag zit die ergens heerlijk te dutten.

Cornelis Fokker
Vogelringstation Meijendel

 

-----------------------------------------------------------------------------------------------

Er zijn eieren, maar wanneer kuikens?

20 april 2016

Op 10 april was het heuglijke feit daar dat het eerste ei werd gelegd door mevrouw kerkuil. Ondanks dat de volgende dag het voorportaal werd opgeschoond (zie vorige blog) volgde op 12 april keurig het tweede ei.

Ons paartje kerkuil houdt zich tot dusver keurig aan de regels, aangezien de legperiode april/mei is en dan meestal om de dag een ei wordt gelegd. Dit gaat door tot vier tot zeven eieren en in uitzonderlijke gevallen wel tien stuks. Eind volgende week zal het legsel dus wel compleet zijn.

Broeden
Na de leg van het eerste ei gaan de vrouwtjes normaal gesproken meteen broeden. Dan duurt het 28 tot 30 dagen voor het eerste ei uitkomt, waarna daarna dus om de dag een nieuwe kerkuil ter wereld komt. Ons eerste kerkuiltje zouden we dan zo rond 9 mei kunnen verwachten als alles goed gaat.

Afwachten maar.

Cornelis Fokker
Vogelringstation Meijendel

 

Foto van Marja

-----------------------------------------------------------------------------------------------
Volhouders, die kauwen

15 april 2016

Maandagavond maakte ik een vreugdedansje. De kerkuilen in onze nestkast met webcam hebben zich niet laten verjagen en waren teruggekeerd. Inmiddels is hun tweede ei gelegd. Maar de vreugde is van korte duur. De burenruzie is niet opgelost, de kauwen blijken volhouders. Kauwen zijn veelvoorkomende vogels en ik begrijp wel waarom. Ze hebben een doortastendheid en een volhoudingsvermogen waar je nog wat van kunt leren. En zo wandelen wij duinbeheerders verder op het pad tussen hoop en vrees.

Wat is er aan de hand?

De nestkast die Dunea in de duinen van Meijendel heeft hangen, is het toneel van een strijd tussen kauwen en kerkuilen. De kauwen bouwen een nest waarmee ze het nest van de kerkuilen barricaderen. Lees hier het verhaal tot nu toe . Naast hoop is er ook de vrees. De kauwen sleepten de afgelopen dagen onvermoeibaar nieuwe takken het voorportaal in. Tja, en dan? Het liefst behouden we graag de kerkuilen, maar hoe ver ga je daarin? We blijven in de overtuiging dat het mogelijk moet zijn om de kauwen te ontmoedigen om hier te nestelen. Overleg met een aantal deskundigen en tips van volgers helpen ons verder op weg.

Klein experiment

Gisteren hebben we een klein experiment gedaan. Onze volgers online hadden dat al door; de camera’s buiten waren namelijk opnieuw op zwart. Kerkuilen jagen ’s nachts en verzamelen voldoende voedsel voor overdag. Bij daglicht slapen ze in de nestkast, worden soms wakker en leven dan van de vangst van de nacht ervoor. Kauwen daarentegen hebben een precies omgekeerd ritme: ze zijn actief bij daglicht. Dat gegeven hebben we gebruikt: we hebben in alle omzichtigheid overdag de ingang aan de buitenzijde afgeschermd zodat de kauwen niet naar binnen kunnenen. In de avond halen we die afscherming dan weer weg zodat het domein weer helemaal van de kerkuil is. 

En dan na nu?

Komende dagen blijven we dit doen; zo lang er geen kuikens zijn, laten de kerkuilen zich overdag namelijk niet zien. We blijven sowieso de nesttakken van de kauwen weghalen en houden nauwgezet het wel en wee van de kerkuil in de gaten; zelf en met de dankbare hulp van onze volgers online.  

 

joehoe, kan iemand open doen?

 

Arjen Siebel
Afdelingsmanager Natuur Dunea

-----------------------------------------------------------------------------------

Hoe de natuur je altijd blijft verrassen; burenruzie in de nestkast

11 april 2016

Ik praat graag over de mooie kanten van de natuur en hoe zij ons kan verrassen. Een rups ontpopt op het moment dat je net niet kijkt. Het ei is gebroken voor je er erg in hebt. Een regenboog die een vreselijke druilerige dag opfleurt. Maar de kringloop van het leven is soms ook zeer rauw en gemeen en stelt mij als natuurbeheerder voor fikse dilemma’s.

Burenruzie in vogelland

Vandaag had ik zo’n dilemma. Onze volgers van de kerkuilen op de webcam hebben het al gezien: er sluimerde een burenruzie in vogelland. Jullie kunnen allemaal het wel en wee van de kerkuilen via de webcam volgen. In de nestkast zaten al langere tijd 2 kerkuilen die elkaar het hof maakten. Tot groot geluk van ons en van onze volgers. Sinds gisteren lag er zelfs een ei! Maar de kerkuilen hebben nieuwe buren: de kauwtjes. Kauwtjes zijn een soort kleine zwarte kraaien en heel brutaal. En deze brutale buren waren bezig om de nestkast te barricaderen met een eigen nest. Risico? Volledig ingebouwde kerkuilen die met hun broedsel uiteindelijk dood gaan van de honger. Een hele harde kant van de natuur. Daar ontstond dus het dilemma dat ik liever niet had gehad.

Wat is er aan de hand?

Eerst even iets over de nestkast. De nestkast bestaat uit twee delen; het echte nest (waar de eieren van de uilen liggen) en een soort halletje; een voorportaal. En dat halletje was volgens de kauwtjes ideaal voor een barricade-nest. Meer en meer takjes en takken werden naar binnen gesleept. En daar ontstond mijn spookbeeld: een broedende kerkuil ingebouwd, die langzaam met kuikens zou kunnen gaan verhongeren omdat de kauwtjes de doorgang blokkeren. Er zijn meerdere voorbeelden van uilen die met nest en kuikens op dezelfde wijze verliezen van kraaien of kauwtjes. Een belronde langs enkele deskundigen bevestigt mijn vrees; de kans dat de kerkuil wint is gering, de kauwtjes zullen blijven doorbouwen. Nou hadden we jullie allemaal de kans kunnen geven om deze rauwe en harde les van de natuur live voor de webcams te volgen. Kerkuilen zijn echter zeer bijzondere vogels en nog los van de camera’s, dit soort bijzondere vogels zijn ons dierbaar en dus hebben we besloten in actie te komen.

De kerkuilen helpen

Vandaag zijn we de uilen gaan helpen. Het kauwenbarricadebouwsel is maandag in de vroege ochtend verwijderd. Kerkuilen zijn nachtvogels. De rest van de dag hebben we de uilen niet gezien, dat was echter geen reden tot zorg. De kauwtjes zagen we wel. Zij kwamen binnen no-time enthousiast weer met nieuwe takken op de proppen. Daarom hebben we een tweede actie ondernomen. Voor de kast zat een kleine plank waar de kauwtjes op landden. Die plank is weggehaald. Zo maken we het ze moeilijker om met grote takken de nestkast in te vliegen. De webcam zat ook aan deze plank vast. Daarom ging de camera vanmiddag op zwart en kijk je nu vanuit een andere hoek aan de buitenkant naar het nest.

Een vreugdedansje en het dilemma

De grote vraag was nu: komen de uilen vanavond naar hun nest. In de vroege avond heeft één van m’n collega’s op afstand gepost om te kijken hoe de kauwtjes zich gedragen. Tot nog toe lijken ze zich geen raad te weten met de nieuwe situatie; nestmateriaal wordt door hen niet langer binnen gebracht. En tijdens het schrijven van dit blog verrast de natuur mij opnieuw. Om 21:18u zitten naast het ei twee parende kerkuilen in de nestkast (!). Ik maak een klein vreugdedansje. Wat achter blijft is het dilemma wat altijd loert: wanneer grijp je in als natuurbeheerder in en wanneer beheer je door niets te doen. Zegt u het maar…


Arjen Siebel
Afdelingsmanager Natuur Dunea

-------------------------------------------------------------------------------------------------------

Kerkuilen in de duinen

24 maart 2016

In tegenstelling tot mijn vorige blogje spelen de hormonen nu hoog spel in de kast van Dunea. Was een ruime week geleden nog slechts een enkele kerkuil aanwezig, nu zijn het er twee en die lijken het wel aardig te zien zitten dit jaar.

Beide kerkuilen hebben toch deze schuur midden in de duinen weten te vinden. Dat is op zich opvallend, aangezien in de duinen van Zuid-Holland kerkuilen schaars zijn als broedvogel. De naastgelegen regio Katwijk-Wassenaar heeft bijvoorbeeld helemaal geen broedgevallen van kerkuilen. Dankzij het ringstation Meijendel weten we echter wel dat kerkuilen wel daadwerkelijk gebruik maken van de duinen om te foerageren.

In oktobernachten, als 's nachts op de ringbaan trekkende veldleeuweriken en waterrallen worden gevangen voor onderzoek, zijn in de afgelopen 15 jaar 9 kerkuilen gevangen. Deze waren aan het jagen in het gebied en werden verleid door de lekker hapjes in de netten. Daardoor waren ze zelf ook het haasje. Dit ging in alle gevallen om jonge exemplaren die vermoedelijk op zoek waren naar nestgelegenheid voor het volgende seizoen. Dit bleek ook wel uit 2 exemplaren die reeds geringd waren, en wel op Ameland en nabij Hoofddorp. Eén van de exemplaren die door VRS Meijendel was geringd, werd ruim twee maanden later doorgereden in het Gelderse Hattem. Deze gevallen geven wel aan hoe ze kunnen zoeken naar een nieuw broedgebied, maar de duinen vonden ze toen kennelijk maar niks. Onze twee kerkuilen lijken het echter momenteel prima naar hun zin te hebben in Meijendel.

Cornelis Fokker
Vogelringstation Meijendel

-------------------------------------------------------------------------------------------------------

Is 't wel een Hollander, onze kerkuil?!

13 maart 2016

In de kast zit nu al enige tijd elke nacht een enkele kerkuil te slapen. In z'n uppie. Waar deze vogel vandaan komt is natuurlijk onzeker, maar één ding is wel duidelijk: in deze kast is hij niet grootgebracht. Nog nooit broedden er immers kerkuilen in deze kast, dus de vogel moet van elders komen.

Dankzij ringonderzoek, waarbij vogels worden uitgerust met een ring om de poot met daarop een unieke code, is wel duidelijk geworden dat kerkuilen flink kunnen zwerven. Jonge kerkuilen die in Nederland geboren zijn, werden door heel Europa teruggevonden; van Wit-Rusland tot in Spanje.

Het is natuurlijk gissen waar onze uil vandaan komt; dat kan vanuit het Groene Hart zijn, maar zijn geboorteplaats kan ook buiten onze landgrenzen zijn. Overigens is de kerkuil zelf een echte wereldbewoner en ze broeden op het hele zuidelijk halfrond, en ook in grote delen van het noordelijk halfrond zijn ze te vinden. De enige voorwaarde die ze stellen is dat er geen maand een aaneengesloten sneeuwdek ligt van 7 cm dik. Wat dat betreft is deze uil goed terechtgekomen, al is het nog wel even wachten op een partner…

Cornelis Fokker
Vogelringstation Meijendel

-------------------------------------------------------------------------------------------------------

Nachtelijke perikelen: dating in the dark

10 maart 2016

Al sinds een week kunnen we genieten van de kerkuil. Alhoewel, genieten... Overdag slaapt de kerkuil en pas rond een uur of 7 's avonds, bij het invallen van de duisternis, verlaat ze het nest. De aanwezige kauwtjes zijn geen obstakel voor haar. De nestkast is namelijk verdeeld in twee delen. Het voorportaal, waar het gat naar buiten zit, en echt de nestkast. De kauwtjes zitten eigenlijk alleen in de ingang.

Wie de kerkuil wakker wil meemaken, moet zo rond half 7 in de ochtend naar de cam kijken. Dan komt ze na een lange nacht terug. Ze geeft haar verendek dan een goede poetsbeurt, draait een paar rondjes, zoekt haar evenwicht en sluit de ogen. Veel meer gebeurt er daarna niet meer. Tot weer de schemer invalt en de uil er op uit trekt.

Uiteraard hopen we allemaal dat er binnenkort veel meer te beleven valt in de kast van de kerkuil.

 

Sandra
Commmunicatieadviseur Dunea

--------------------------------------------------------------------

Onze vliegende brigade

2 maart 2016


Opruimbrigade? Zeker! De torenvalk en de kerkuil zijn uitstekende jagers. Ze voeden zich vooral met muizen en insecten. Zo voorkomen ze plagen en zijn ze zeer belangrijk voor het natuurlijk evenwicht in ons duinwatergebied.

Live

Vanaf vandaag kunnen jullie live meekijken in de nestkasten van onze collega's. Een mooiere dag om te starten, kunnen we niet uitzoeken. Want vandaag start bij Dunea ook officieel het  broedseizoen. Gaan onze vogels weer de liefde vinden? En gaan ze voor nakomelingen zorgen? Vorig jaar was het een top jaar bij de valken. Maar liefst zes pullen verlieten in juli het nest. Lukt dat de kerkuil ook?

Vol verwachting gaan we ze volgen en via de website, social media en blogs houden we jullie op de hoogte.

 

Sandra Zittersteijn
Communicatieadviseur Dunea