Verschillende normen

In het Drinkwaterbesluit zijn verschillende normen te onderscheiden: gezondheidskundige normen, esthetisch/organoleptische normen, bedrijfstechnische normen en voorzorgsnormen.

Gezondheidskundige normen omvatten chemische stoffen en micro-organismen (zoals bacteriƫn). Bij het vaststellen van de gezondheidskundige norm wordt gekeken naar de concentratie van een stof waarbij de consument bij levenslange consumptie van drinkwater geen nadelige effecten op de gezondheid ondervindt. Voorbeelden van gezondheidskundige stoffen zijn: lood, koper, nitraat, nitriet en fluoride.

Esthetisch/organoleptische stoffen zijn stoffen die geen gevaar geven voor de gezondheid, maar veelal direct leiden tot klachten van de consument. Ze brengen smaak en kleurafwijkingen teweeg en zijn dus uit esthetisch oogpunt niet gewenst in drinkwater. Voorbeelden van deze stoffen zijn: kleur, troebeling, ijzer, mangaan en smaak.

Bedrijfstechnische parameters waarborgen een goede technische bedrijfsvoering en een goede waterkwaliteit. Indirect kunnen zij van invloed zijn op andere stoffen en daarmee op de gezondheid van de consument. Voorbeelden van deze stoffen zijn: zuurgraad, zuurstof, ammonium, geleidingsvermogen en chloride.

Voorzorgsnormen zijn opgesteld voor stoffen die een schadelijk effect kunnen hebben op het milieu. Deze stoffen zijn in zeer geringe hoeveelheden niet schadelijk voor de gezondheid, maar vanwege ethische redenen horen ze niet in het drinkwater thuis. Voorbeelden van deze stoffen zijn: bestrijdingsmiddelen en fosfaat.